De boom in de herfst
Rond de herfstvakantie valt het blad pas echt. Deze week leren de kinderen eerst drie bomen kennen: de eik, de kastanjeboom en de den. Daarna gaan ze aan de slag met de bladeren: kijken, zoeken en knutselen.
Hoe herken je een boom en wat doet zijn blad?
Doelen
Ze weten dat er loofbomen en naaldbomen zijn, en dat een naaldboom het hele jaar groen blijft.
Ze weten dat je de eik, de kastanjeboom en de den herkent aan hun vrucht: de eikel, de kastanje en de dennenappel.
Ze weten dat een kastanje in een bolster zit die prikt.
Ze weten dat een loofboom in de herfst zijn blad laat vallen.
Ze weten dat een blad een steel, een bladschijf en nerven heeft, en dat je aan de vorm ziet van welke boom het blad komt.
Ze weten dat een blad voeding maakt voor de boom en zuurstof geeft aan mens en dier.
Ze weten dat droge stukjes blad naar een ballon springen als je de ballon eerst over je haar wrijft.
Deze week
De boom: De boom
Ken je boom: De eik, De kastanjeboom, De den, De berk, De beuk, De esdoorn
Van boom naar blad: Zo ziet een blad eruit, Het blad
Maken met blad: Dier van blad
Wat doet het blad?: Wat doet het blad, Wat doet het blad